Latijns-Amerika magazine.
 

Rojo, dreigende sfeer in het Argentinië van 1975

12-09-2019 door Ruby Sanders

Vandaag is rood. Het is eind 1975, we staan aan de vooravond van de militaire coup in Argentinië. Generaal Jorge Videla zal benoemd worden tot president, die het land de komende acht jaar in een gewelddadige militaire dictatuur zou storten, waarin duizenden Argentijnen zouden verdwijnen, en miljoenen anderen de andere kant op zouden kijken. Maar opperbevelhebber Videla hebben we nog niet ontmoet. Sterker nog, we weten als kijker nog niets van dit alles, en krijgen deze informatie in de derde film van de jonge regisseur Benjamín Naishtat ook niet bepaald op een presenteerblaadje aangereikt.

Maar wat we niet wéten, vóelen we wel degelijk: er dreigt iets. Er hangt iets griezeligs, iets gewelddadigs in de lucht – ondanks het gemoedelijke jarenzeventigsfeertje. Hoofdpersoon Claudio, een succesvolle advocaat en echte Argentijnse familieman, komt er in de allereerste scène al mee in aanraking – en blijkt ook zelf geen schone handen te hebben. Als Claudio in een buurtrestaurant zit te wachten op zijn vrouw – die altijd te laat komt – dwingt een andere man alleen hem min of meer zijn tafel op te geven. Als er niet gegeten wordt, kan hij het niet maken de tafel zo lang bezet te houden, vindt de besnorde vreemdeling. Een uiterst ongemakkelijke scène – en een les ‘vernederen voor beginners’ – later is de jonge man in razernij uitgebarsten en het restaurant uitgezet. Claudio heeft geen gezichtsverlies geleden voor al zijn dorpsgenoten en als zijn vrouw dan eindelijk arriveert kan het dinertje in alle rust beginnen. 

Dit is nog maar deel één van de krankzinnige openingssequentie van ‘Rojo’, die van kwaad tot erger blijkt te gaan en het startpunt vormt van de rest van het verhaal vol intriges en geheimen. Het knappe is dat regisseur Naishtat, die ook zelf het scenario schreef, de kijker hierna eerst weer op adem laat komen, laat glimlachen zelfs, alsof het allemaal wel meevalt. Daarmee confronteert hij ons direct met de menselijke neiging om te denken dat het onze tijd wel zal duren, dat de soep heus niet zo heet wordt gegeten als-ie wordt opgediend. En om de andere kant op te kijken voor de daden van onze medemens, zeker als dat fatsoenlijke burgers als Claudio betreffen.

Maar de gebeurtenissen vallen niet mee, en de beslissingen die Claudio neemt, zijn niet terug te draaien, zo blijkt wel. Zeker wanneer een excentrieke Chileense detective (gespeeld door Alfredo Castro, die we kennen van verschillende rollen in de films van Pablo Larraín) het dorp bezoekt en Claudio maar niet meer rust wil laten.

Regisseur Naishtat heeft er in deze zwartgallige, bij vlagen absurdistische thriller voor gekozen om de kijker niet met historische context om de oren te slaan – daar hebben we Google voor. Wel heeft hij de film bomvol symboliek gestopt: alles is rood, het bloed op de muren van een ‘verlaten’ huis kleurt mooi met de bloederige steaks waar ze op het Argentijnse platteland zo dol op zijn. De ongemakkelijk verdwijntruc van aan androgyne goochelaar staat voor alle verdwijnen die de ‘vuile oorlog’ voortbracht, en de tieners laten zien hoe een geweldsspiraal al op jonge leeftijd begint. Deze combinatie maakt dat enige voorkennis aan te raden is – en anders is de film gewoon twee keer kijken ook zeker geen straf.    

reageren